Episode Description
‘En ik héb Hem aangeroepen, ik Jaïrus, en Hij vergeet mij. Nóg terwijl Jezus sprak, zegt Lukas om te benadrukken hoe Jaïrus geschokt, wordt - nóg terwijl deze woorden van behoud uit Zijn mond klinken, komt er een uit Jaïrus' huis met de boodschap: Uw dochter (met klemtoon!) is gestorven; zijt de Meester niet moeilijk. Deze dochter gaat heen in vrede. Maar haar vrede kost mijn dochter het leven.
Zijt de Meester niet moeilijk. U ziet toch, dat Hij het te druk heeft met anderen? Het is niet voor u. Laat Hem gaan, Jaïrus, aan uw huis inmiddels een sterfhuis - voorbij. Net als bij Lazarus is het hier immers te laat?
Nee! Tot déze gekwelde Jaïrus spreekt de Zaligmaker dezelfde taal als tot die dochter die twaalf jaren bloed had gevloeid. Geen onderscheid in de nood? Geen onderscheid in het Evangelie. Erbuiten gezet? Er binnen gesloten. 'Vrees niet, geloof alleen, en zij zal behouden worden'. Dood is niet dood. Jezus komt bij het bed. Mensen jammeren, slaan zich op borst en hoofd in nagemaakte gespeelde, opgevoerde rouw. De tot dit doel gehuurden zijn er al. De vorst der duisternis, de koning der verschrikking is de Levensvorst vooruit. En in die gehuurden lacht hij Jezus uit, wanneer Hij zegt dat de dochter slaapt. Zij weten wel beter! De dood schijnt het dit keer te winnen van Hem, Die het leven is. Maar Jezus grijpt haar hand en roept, zeggende: Kind sta op! En zo gebeurt het.
Jaïrus en zijn vrouw en de discipelen hebben een les voor het leven geleerd. Allereerst: mijn eniggeboren dochter is niet waardiger dan de dochter die twaalf jaar bloed vloeit. Het 'ik ben het niet waard' van de bouwer van de synagoge wordt de les voor haar overste. Ten tweede: er gaat kracht van Jezus uit tot behoud. Het kan, maar gaat Hij mijn deur voorbij? Zal ik in het zicht van de haven stranden? Ten derde: de tegensprekers komen opzetten. Vroom in de vorm van de boodschapper uit zijn huis. Zijt de Meester niet moeilijk. Hij heeft méér te doen. Vergeet Hem en laat Hij u vergeten. En grof en goddeloos in de vorm van de klaagvrouwen. Zij belachen Hem, want zij weten dat zij gestorven is. Wat wil Deze? Wij hebben toch de triomf van de dood geconstateerd? En vroom en grof zingen één deun: te laat.
Ten vierde: Jezus hoort het en zegt: Vrees niet, geloof alleen. Dat wil zeggen vergeet niet Mij maar al die andere stemmen. Leg het naast u neer, want Ik ben er. De Heere geloven is altijd Hem alleen geloven.
Ten vijfde: zij zal behouden worden. Het gebruikte werkwoord betekent meer dan dat de dochter in dit leven opstaat en haar bestaan voortzet. De Heere redt volkomen wie Hem alleen overhouden en geloven.
Hoelang duurt het nu al? Jaren op Hem gehoopt en niet geholpen? Om u heen en in u zeggen ze: Het is te laat, het kan niet meer. U hebt de klaagvrouwen al gehuurd. Maar vergis u niet. Laat de dood zich maar vergissen, doch vergist u zich niet. Vrees niet, geloof alleen. Daar vallen alle stemmen weg. En Hij spreekt van blijde troost en vrede en maakt de doden levend.